Een Revolutionair Concept: De Pelgrimbeweging
In het Antwerpse kerkenlandschap neemt de art-decokerk van Sint-Walburgis een zeer aparte plaats in. Gebouwd in het interbellum, breekt deze kerk resoluut met de traditionele neogotische stijlen van de voorbije decennia. Pastoor Maurice van Hoeck wilde een gebouw dat 'verbonden moest zijn met de levende parochiegemeenschap'.
Het ideaal is afkomstig van 'De Pelgrim', een progressieve Vlaams-katholieke kunstkring die streefde naar een monumentale eenheidskunst. Architect Flor Van Reeth vond hier zijn inspiratie. Niet het imposante gebouw op zich staat centraal, maar de 'gewijde ruimte' en het innerlijk beleven van de liturgie door de gelovige. Het resultaat is een prachtig 'Gesamtkunstwerk' waarin architectuur, licht en kunst volledig in dienst staan van de cultus.
Ontwerptekening van de gewijde ruimte
De kunstenaars van De Pelgrim
Soberheid in Warme Gele Baksteen
De monumentale gevels van de kerk zijn strak en sober opgetrokken in een karakteristieke warme gele baksteen. Uniek is dat de klokkentoren met zijn hoogte van nog geen 20 meter nauwelijks opvalt in het stedelijk landschap; het volume verzinkt volledig in de gevelpartij van de Volkstraat.
De voorgevel vormt één gesloten geheel, enkel onderbroken door drie identieke dubbele houten deuren. De verticaliteit wordt krachtig benadrukt door een enorm kruis dat van de grond tot aan de top van de toren reikt (18,4 meter). Rechtsboven prijkt een opvallend art-deco bas-reliëf van Simon Goossens: een monumentale knielende engel met een lelie.
De strakke voorgevel met het monumentale kruis
Het indrukwekkende reliëf van de knielende engel
Gestileerde biddende engel op de deuromlijsting
Licht, Ruimte en Gemeenschapszin
Bij het binnentreden overweldigt het ruimtelijke effect van deze kruisvormige driebeukige zaalkerk. Om elk obstakel tussen de gelovige en de liturgie weg te nemen, zijn pilaren volledig weggelaten. Het brede middenschip is overkluisd met een vlak cassettenplafond.
Het diepe, halfronde hoogkoor vormt het liturgisch centrum. Via een pseudokooromgang en een goudkleurig raster in de koepel valt een diffuus, zenitaal licht naar binnen, wat een mysterieuse 'krans van licht' rond het hoofdaltaar creëert.
Het altaar en de trappenpartij in het koor
Het zeskantige tent-tabernakel van Rie Haan
Het monumentale orgelfront uit 1958 op het doksaal